Oostenrijkse woningen

Aanleiding
Na de Tweede Wereldoorlog kwam Nederland in een periode van wederopbouw terecht, waarin een groot tekort aan bouwmaterialen ontstond. Er was een tekort aan ca. 250.000 woningen. Eigenlijk in aantal vergelijkbaar met het huidige woningtekort, al had de destructieve oorlogsvoering van destijds natuurlijk een groot aandeel in dit ontstane tekort.
Dat geldt niet voor De Noordoostpolder. Hier was geen oorlogsschade maar waren woningen nodig voor het Zuiderzeeproject.
Ook de internationale handel was ontregeld. Betalen met geld was lastig. Grote financiële deals doen met het buitenland was in Nederland zelfs verboden.

Gevolg:
Daarom werd gezocht naar ruil-mogelijkheden. Oostenrijk had hout,  Nederland had vis en aardappelen.
Op basis van zo’n ruilafspraak werden kort na de oorlog ongeveer 800 houten prefabwoningen besteld en per trein vanuit Oostenrijk naar Nederland vervoerd.
Gemeenten konden bij het Ministerie van Wederopbouw aangeven hoeveel van deze woningen zij wilden ontvangen.
In de jaren 1948 en 1949 zijn op die manier in veel gemeenten verspreid over vrijwel alle provincies Oostenrijkse houten huizen geplaatst en opgebouwd. Vanwege brandgevaar staan de woningen veelal ruim opgesteld.

Aantallen:
Nederland bestelde 800 woningen.
De Noordoostpolder tekende in voor 100 stuks. Daarvan gingen zes pakketten, opgeslagen in Ens,  in vlammen op.

Opzet woning
De bouwpakketten van deze huizen waren zo compact dat één woning in twee treinwagons kon worden meegenomen.
Als alle voorzieningen zoals fundering, riolering en onderdorpel (plint) voorbereid was, kon in twee á drie dagen een woning worden gemonteerd.

Broodje aap
Het verhaal dat de woningen door Oostenrijk geschonken zijn als ‘wiedergutmachung’ is onzin.

Typische kenmerken Oostenrijke woning:

Symmetrie:


Slechte schoorsteen

De woningen hadden twee schoorstenen. Zowel qua trek als constructie was dit geen succes.
In de Noordoostpolder zie je dat de twee rookkanalen samengevoegd zijn en dat er één schoorsteen op het dak staat.
De zolderruimte werd  daardoor wel ontoegankelijker.


Slechte kwaliteit ?

Vrij snel na de levering en montage van de eerste woningen ging het gerucht dat de woningen slecht van kwaliteit waren. Gezegd werd dat

Het ministerie van wederopbouw heeft daarom op 15 dec. 1947een persbericht doen uitgaan:

De sterkte van de woning is gemeten en met een paar wijzigingen goed bevonden.
Bij de eerste serie woningen in Bennekom was inderdaad sprake van slecht hout. Bovendien heeft het bij de bouw ontbroken aan goed technisch inzicht.  Er is van geleerd.
De woningen zijn inderdaad iets duurder, maar ook royaler.
Het ministerie levert de woning aan particulieren en is dus niet verantwoordelijk voor de bouw. Zorg dus voor een goede aannemer. Het ministerie zal een lijst maken met goede aannemer.


Niet verwarren met geschenkwoningen

Verwar de Oostenrijkse woning niet met de Noorse- Zweedse of Scandinavische woningen !

Geschenkwoningen zijn woningen die na de Watersnoodramp van 1953 door diverse landen aan Nederland zijn geschonken om de woningnood in de door de watersnood getroffen gebieden te lenigen. Ze werden ook wel ‘watersnoodwoningen’ genoemd.

Na de Watersnoodramp van 1953 stuurden vooral Scandinavische landen ruim 800 zogenaamde geschenkwoningen naar Nederland. De geschenkwoningen kwamen uit Noorwegen (ruim 325), Denemarken, Zweden (ieder rond de 230), Finland (15) en Oostenrijk (circa 70).
De prefab-woningen werden verdeeld over de drie provincies: Noord-Brabant, Zeeland en Zuid-Holland

meer info (pdf)


Pachterswoning

72 stuks als boerderijwoning aan de zuid-oostkant van de polder
De overige woningen staan oa in  Emmeloord (12), Marknesse (6), Ens (6)

De houten noodschuren , gemaakt van oude Belgische legerbarakken, die slechts een korte levensduur hadden, zijn in de jaren 50 vervangen door de montageschuren van schokbeton.

De eigenaar van deze woning heeft met weinig gevoel voor cultureel erfgoed een nieuwe schil om de woning getimmerd met horizontale planken.


Boerderijwoningen

Oorspronkelijk stonden er geen betonnen schuren bij de Oostenrijkse woningen, maar houten noodschuren, gemaakt van oude Belgische legerbarakken, die slechts een korte levensduur hadden.
De noodschuren zijn in het begin van de jaren ’50 vervangen door de nog steeds in gebruik zijnde montageschuren van schokbeton.

Sommige ‘Oostenrijkse woningen’ zijn niet meer als zodanig herkenbaar.


knipsel:01 febr.1949)

De aankoop van de 800 Oostenrijkse woningen zijn waarschijnlijk met vis betaald.
Bijgaand krantenknipsel zou dat wel eens kunnen bevestigen.


Uit de driemaandelijkse

BOUWKUNDIGE AFDELING 

De bouwactiviteit is gedurende de verslagperiode aanmerkelijk toegenomen. In het bijzonder in het zuidoostelijke deel van de polder (waar de pachters hun bedrijven krijgen) verrijzen vele woningen. Behalve de in het vorige verslag genoemde landarbeiderswoningen zijn hier in aanbouw 72 z.g.n. Oostenrijkse woningen dit zijn houten montagewoningen, welke van een zodanige constructie zijn dat zij als permanente woningen kunnen worden beschouwd. Zij worden voorzien van een paalfundering en de montage ervan tot en met de pannendak legging vraagt ongeveer een week. Hoewel hierna nog enkele maanden met het afwerken gemoeid zijn, mag toch worden verwacht dat deze woningen voor 1 april gereed zullen zijn. Ten gevolge van spelen met vuur door kinderen zijn zes woningen welke in een open loods te Ens waren opgeslagen, verloren gegaan. Gelukkig bleek het mogelijk dit verlies aan te vullen. De genoemde houten woningen zijn bestemd voor pachterswoningen, zodat het aanvankelijke voornemen om de pachters voorlopig in arbeiderswoningen te huisvesten geen doorgang hoeft te vinden. Hierdoor wordt het dus mogelijk dat de pachters hun vaste arbeiders een woning bij het bedrijf kunnen aanbieden., wat ook van landarbeiders, die anders in de kampen zouden moeten worden ondergebracht, het gemakkelijker zou maken en bovendien de pachters de kamp en reiskosten van de arbeiders zal besparen. Omdat de hoeveelheid werk sterk is toegenomen kan helaas niet worden verwacht dat het productie-tempo hiermede gelijke tred houdt. Wel is waar is het aantal der bouwvakarbeiders aanmerkelijk toegenomen, doch er valt nog steeds een gat om geschoolde arbeiders te contracteren. Bovendien blijft de gemiddelde vakbekwaamheid van de vaklieden ver achter bij die der vooroorlogse arbeiders, om nog niet te spreken van de arbeidsprestatie. Niet onvermeld mag echter blijven, dat er hier en daar verbetering valt te constateren, doch deze gevallen komen nog te weinig voor om van een verhoogde arbeidsproductiviteit te kunnen spreken. Er zijn onderhandelingen gaande om ook voor de N.O-Polder een tariefregeling samen te stellen in welk geval het loonplafond zou worden losgelaten.


Kavelnummers en Schuurtypen
bij Oostenrijkse woningen.

KavelHaSchuurSoort:SpantBouwjaar
J 1006,0EProefbedr.
P 100
Q 2622,5PD1Dicht51953
Q 2723,0PD1Dicht51953
Q 2822,0PD1Dicht51953
Q 3122,5PD1Dicht51954
Q 8335,0PD3Dicht71953“Dintelhof”
Q 8435,5PD3Dicht71953
Q 8523,5PD1Dicht51953
Q 8623,5PD1Dicht51953
Q 8722,5PD2Dicht61953
Q 9023,0PD1Dicht51953
Q 9122,5PD1Dicht51953
Q 9222,0PD1Dicht51953
Q 9935,5PD3Dicht71953“De Baronie”
Q10135,5PD3Dicht71953
Q11123,5PD2Dicht61953
Q11224,0PD1Dicht51953
Q11324,0PD1Dicht51954
Q12132,0PE111/6 Gem.51953
Q12429,0PE111/6 Gem.51953
R 1623,0PC141954
R 2323,5PC141954
R 3223,5PC141954
R 3324,0PC141954
R 5424,0PC141954
R 5524,0PC141954
R 5623,5PC11/6 Gem.41954
R 6222,5PC141954“Mare Clausum”
R 6924,0PC141954
R 7024,0PC141954
R 7124,0PC141954“Langendam”
R 7224,0PC141954
S1324,0PC141954
S 4323,0PC141954
S 5226,5PC141954
S 5923,0PC141954
S 6023,0PC141954
S 6123,0PC11/6 Gem.41954“Nij Lan”
S 7423,5PC11/6 Gem.41953
S 7523,5PC13/6 Gem.41953
S 7623,5PD73/6 Gem.51952
S 7824,0PD82/6 Gem.61952
S 8423,5PC11/6 Gem.41953
S 8523,5PC11/6 Gem.41953
S 9125,5PC11/6 Gem.41954
S 9224,0PF41/6 Gem.51956
S 9824,0PD71/6 Gem.51952
T 0123,0PD2Dicht61954
T 0424,0PD2Dicht61953“De Hondsrug” ???
T 0524,0PD1Dicht51953
T 6116,0HbDwarsstal19522/6 Gem.
T 6213,0HaDwarsstal19523/6 Gem.
T 639,5HdDwarsstal19524/6 Gem.
T 7724,0PD1Dicht51953
T 9730,0PD2Dicht61954“De Devel”
T10024,0PD1Dicht51954
T10429,5PD2Dicht61954
T10530,0PD2Dicht61954
T10832,0PD2Dicht61954
T10932,5PD2Dicht61954
T11033,0PD3Dicht61954
T11133,0PD3Dicht61954
T11433,5PD4Dicht81954
T11533,5PD4Dicht81954
T11632,5PE131/6 Gem.61952
T11735,0sel1/6 Gem.1952“Zeeoogst” (Proef met losse stallen?)
T11834,0PE131/6 Gem.61952“Eensgezindheid”
T12034,5PE131/6 Gem.61952
T12124,0PD93/6 Gem.61952
T127z30,0PE111/6 Gem.51952
T12821,0PD71/6 Gem.51952

Uitgebreide website
Terry van Dijk.

Terry woont met veel genoegen in een ‘Oostenrijker’ in de Noordoostpolder.
Dat heeft hem ertoe gezet een grondige inventarisatie te maken van de Oostenrijkse woningen.
Het originele aantal was 800 stuks door heel Nederland. Hij heeft nog zeker ca. 600 van deze huizen weten te vinden.
Terry geeft ook met regelmaat lezingen over ‘De Oostenrijkers’. (oa. in Emmeloord en Kraggenburg). Ik heb zo’n lezing bijgewoond. Het heeft mij veel kennis gebracht.


Uit de driemaandelijksche:


1948 – Behalve over bedrijfsgebouwen dienen de pachters ook over een eigen woning te beschikken en, voor de bedrijven groter dan 21 ha, over een woning voor de vaste arbeider. Van het aanvankelijke voornemen de pachters in de in aanbouw zijnde stenen dubbele arbeiderswoningen te huisvesten, is men teruggkomen, toen de gelegenheid zich voordeed houten, z.g. Oostenrijkse, woningen te plaatsen. Op 73 bedrijven komt nu een dergelijk huis, zodat, wanneer dit bouwplan is voltooid, alle pachters over een eigen woning en zo nodig over een woning voor de vaste arbeider zuilen beschikken. Inmiddels is wel gebleken, dat het verpachten van bedrijven, waarop de noodzakelijke gebouwen nog niet staan, vele moeilijkheden medebrengt, zowel voor de Directie als voor de pachters.

1948 – Behalve de in het vorige verslag vermelde 118 landarbeiderswoningen zijn hier in aanbouw 72 z.g.n. Oostenrijkse
woningen. Dit zijn houten montagewoningen, welke van een zodanige constructie zijn, dat zij als permanente woningen kunnen worden beschouwd. Zij worden gebouwd op een paalfundering en de montage ervan tot en met de pannendakbedekking vraagt ongeveer een week. Hoewel hierna nog enige maanden met het afwerken gemoeid zijn, mag toch worden verwacht, dat deze woningen voor 1 December gereed zullen zijn.
Ten gevolge van spelen met vuur door kinderen gingen zes woningen, welke in een open loods te Ens waren opgeslagen, verloren.
Gelukkig bleek het mogelijk dit verlies aan te vullen. De genoemde houten woningen zijn bestemd voor pachterswoningen, zodat het aanvankelijke voornemen om de pachters voorlopig in arbeiderswoningen te huisvesten geen doorgang behoeft te vinden. Hierdoor wordt het dus mogelijk, dat de pachters hun vaste arbeiders een woning bij het bedrijf kunnen aanbieden, wat het aantrekken van landarbeiders, die anders in de kampen zouden moeten worden
gehuisvest, gemakkelijker zal maken en bovendien de pachters de kamp- en reiskosten van de arbeiders zal besparen.

1949 – Ingebruikgevingen. Contractueel werd geregeld de ingebruikgeving van een arrestantenlokaal, een zgn. Oostenrijkse woning en een kamer, in te richten als politiebureau (een en ander met het Ministerie van Justitie), van een kamer voor het Gewestelijk Arbeidsbureau (met het Ministerie van Sociale Zaken), van het voormalige arbeiderskamp Westvaart (met het Directoraat-Generaal ) voor de Bijzondere Rechtspleging) en van een cantinewoning (met een particulier)


Publicatie

Citaat uit het tijdschrift ‘Bouw’  van vlak na de oorlog (jaargang 46, blz. 802 en 803):

‘Bouw’ was een Nederlands architectuurtijdschrift. Het werd opgericht in 1946 als weekblad voor de bouwsector. Tot het eerste decennium van de 21e eeuw heeft het blad zich ontwikkeld van spreekbuis van de wederopbouw, met veel aandacht voor sociale, economische en technische vraagstukken, tot vakblad over hedendaagse architectuur in Nederland. In oktober 2006 is het blad hernoemd als ArchitectuurNL

De 800 Oostenrijkse houten midden­standswoningen, waarover den direct na de Tweede Wereldoorlog  korte berichten zijn verschenen, zullen als wij ons niet vergissen, haar weg in Nederland wel vinden. Daar staan in de eerste plaats de betrekkelijk geringe prijs van ongeveer ƒ 10.000,-, welke zij naar schatting exclusief den grond kant en klaar zullen kosten en vervolgens de gerieflijke, vrij ruime indeling borg voor.
Nederland zal deze huizen betalen met levensmiddelen, zoals gedroogde groenten en vis, waaraan Oostenrijk grote behoefte heeft en wel zodanig, dat alleen het houten omhulsel inclusief vrachtkosten naar ons land, opslag enz. naar voorlopige raming voor ƒ 5000,- aan den particulieren koper kan worden verkocht. De toekomstige eigenaar zal dus zelf een aannemer opdracht moeten geven voor het leggen van de funderingen en de vloeren, het bouwen van den schoorsteen, het aanbrengen van de dakbedekking, het aanleggen van gas- en elektrische geleidingen, benevens het inbouwen van installaties van bad en sanitair. Deze laatste werkzaamheden worden thans op ongeveer ƒ 500,- begroot. De koper kan het huis van het Rijk betrekken en zal den prijs daarvan, alsmede den bouw geheel uit eigen middelen moeten financieren, ofwel gebruik moeten maken van de financieringsregeling welke geldt voor particulieren bouw. Is hij oorlogsslachtoffer, dan zal hij ook gebruik kunnen maken van de Regeling voor de financiering van het herstel van oorlogsschade aan woningen.
Aan bouwers in de geteisterde gebieden zal voorrang worden verleend. Teneinde een billijke verdeling te waarborgen zijn de Provinciale Directies van de Volkshuisvesting met de verdeling over de gemeenten belast.
Het huis telt twee verdiepingen, resp. van 2.40m en 2.30m hoogte. Het bevat gelijkvloers een hal met garderobe, een WC., een keuken, een woonkamer met eethoek, welke door het aanbrengen van een gordijn van elkander kunnen worden gescheiden en een studeerkamer. De bovenverdieping bevat 3 kamers en een badcel. De dubbele wanden zijn 17cm van elkaar verwijderd. De buitenste wand is aan de binnenzijde met een vochtwerend middel bestreken, terwijl aan de binnenzijde van den binnenwand vezelplaten zijn aangebracht. Tussen deze beide wanden bevindt zich een dunne aluminiumplaat.
Bestekken voor den bouw zullen van Rijkswege worden beschikbaar gesteld. Waarschijnlijk zullen in deze bestekken met verschillende wensen rekening worden gehouden. Zoo zullen sommigen boven een kelderkast een ruimeren kelder prefereren.
De woningen kunnen, wanneer zij goed worden onderhouden, vele jaren mee en zijn dus als permanente woningen te beschouwen. De eerste zending kan medio December 1946 worden tegemoet gezien.

Het is vandaag 12.09.2026
When they go low, we go high !