Espelerlaan
Van Ooststraat via Lischdoddestraat naar Espelerlaan
In de beginjaren van Emmeloord hadden de straten nog geen officiële naam. De huidige Espelerlaan stond aanvankelijk bekend als de Ooststraat. De eerste woningen, bestemd voor ingenieurs van de Directie Wieringermeer, kwamen in 1943 en 1944 gereed. Ze waren ruimer en chiquer uitgevoerd dan de arbeiderswoningen elders in het jonge dorp.
Na verschillende ontwerpen stelde ir. Pouderoyen na de Tweede Wereldoorlog het definitieve stadsplan voor Emmeloord op. In een eerdere schets was op de plek van de huidige groenstrook nog een tweede gracht voorzien. Dit plan verdween eind 1943 vanwege de hoge kosten. De brede, met bomen beplante middenstrook bleef behouden en geeft de Espelerlaan nog altijd haar karakteristieke uitstraling.
De oorspronkelijke straatnaam Ooststraat veranderde in 1945 in Lischdoddestraat. Een jaar later werd, op verzoek van de bewoners en na advies aan de poldercommissie, de naam Lisdoddelaan ingevoerd. De huizen waren immers aanzienlijk representatiever dan de eenvoudige arbeiderswoningen in de omgeving.
In 1948 werd het straatnamenplan opnieuw aangepast. Straten die een wijk begrensden, moesten voortaan een neutrale naam krijgen, zonder verwijzing naar onkruid. Zo ontstond de naam Espelerlaan. De omliggende buurt staat ook wel bekend als de ‘onkruidbuurt’, al spreekt de gemeente liever van de kruidenbuurt. De namen herinneren aan de planten die na de drooglegging volop op de voormalige zeebodem groeiden.
Karakteristieke jarenveertigarchitectuur
De woningen aan de Espelerlaan zijn gebouwd in de stijl van de Delftse School. Ze hebben twee bouwlagen onder een flauw hellend zadeldak met rode dakpannen en markante schoorstenen. De roodbruine bakstenen gevels zijn uitgevoerd in staand klezoorverband, een metselverband dat het gevelbeeld een subtiel lijnenspel geeft.
Ook de betonnen omlijstingen van ramen en deuren en de oorspronkelijke ramen met roedenverdeling dragen bij aan het karakter van de huizen. Bij veel woningen zijn die oorspronkelijke ramen inmiddels verdwenen. Tussen de woningblokken staan gemetselde schuurtjes met pannendaken.
In 1953 naderde de bebouwing haar voltooiing. Vijf nieuwe woningen waren bijna gereed en maakten de straat volgens een krantenbericht uit die tijd ‘vol’. De aanvankelijk zwarte dakpannen werden vervangen door rode exemplaren, zodat de huizen beter aansloten bij de rest van de straat.
De Espelerlaan is daarmee niet alleen een woonstraat, maar ook een herkenbaar onderdeel van het oorspronkelijke stedenbouwkundige ontwerp van Emmeloord. De brede groenstrook, de ritmische gevels en de traditionele baksteenarchitectuur herinneren aan de ambities waarmee het nieuwe poldercentrum werd opgebouwd.

Anecdote Het Vrije Volk 12-06-1951
Toen het eerste kind van wijlen dokter Jansen uit Emmeloord geboren werd, was dat aan de Ooststraat .
Het tweede kind kwam ter wereld aan de Lischdoddenstraat, het derde aan.. de Lisdoddenlaan en het vierde aan de Espelerlaan.
Toch was het gezin in al die tijd niet verhuisd.
De straatnaam.was alleen maar een paar keer veranderd, eerst omdat Ooststraat een onofficieel bedenksel was van de eerste bewoners.
Later omdat het toch echt meer een laan dan een straat was en ten slotte, omdat men deze laan een neutrale overgang wilde laten vormen tussen de onkruid- en de inmiddels uit de; klei verrezen vogelbuurt, zodat de lisdodden uit de naam moesten worden weg-gewied.
Trouwens, op het ogenblik ligt datzelfde huis (dat een hoekhuis is) volgens het bevolkingsregister ook al niet’ meer aan de Espelerlaan, maar aan de Moerasandijviestraat.
Deze kleine geschiedenis over die straat-met-vijf-namen illustreert de ongedurigheid van het jonge leven in de polder, die zich sneller ontwikkelt dan welk ander gebied ook in Nederland. Het is een groeistuip.







